Krinke Kesmes, een vroeg imaginair reisverhaal
De Verlichting is de ontwikkeling van nieuwe ideeën op allerlei gebieden, zo ook in de literatuur. Een nieuw genre dat zich ontwikkelde waren de imaginaire reisverhalen. In deze verhalen werden reizen beschreven naar landen, gebieden en volken die niet bestonden. De auteurs in de Verlichting gebruikte dit genre om te dromen over betere en rechtvaardige samenlevingen. De auteurs schreven hun ideeën op over hoe een rechtvaardige samenleving eruit hoort te zien en leverde kritiek op de huidige samenleving.
Verlichte schrijvers kozen voor onbewoonde eilanden om een nieuwe samenleving op te bouwen. Hierbij lieten ze zien dat niet de persoonlijkheid van de persoon, maar zijn zelfvertrouwen en werklust belangrijk zijn voor het opbouwen van een nieuw bestaan. Het onbewoonde eiland werd gebruikt, zodat er niets in de weg stond voor de opbouw. De persoon had dan alle vrijheid om de eigen ideeën voor het opbouwen van zijn imperium te gebruiken.
Krinke Kesmes
Dit tekstfragment laat zien dat de jongen geniet van de totale vrijheid en niet lui is of zijn gezonde verstand verliest. Hij brengt binnen de kortste keren een structuur aan in zijn leven en bouwt een kleine beschaving op. Deze roman leert dat de autoriteiten vertrouwen moeten hebben in de burgers en hun vrijheid moeten geven. Het leert dat de burgers echt niet hun gezonde verstand verliezen en er een chaos ontstaan in de samenleving.
Vernieuwing op het toneel
In de Zuidelijke Nederlanden deden vooral amateurs zelf aan toneel. Er waren particuliere toneelgezelschappen en elk dorp of stad had een rederijkerskamer die stukken schreef, bewerkte en opvoerde. Bijna alle stukken waren religieus gericht, meestal bloedige, katholieke martelaarsdrama's.
In de Noordelijke Nederlanden daarentegen was het verboden om religieuze stukken op te voeren, omdat dit tot discussies en ruzies zou leiden. De druk van de protestantse kerk was enorm groot en er werden dan ook geen stukken opgevoerd op zondagen en christelijke feestdagen. Door dit strenge toneelklimaat werden er maar weinig oorspronkelijke stukken geschreven en opgevoerd.
Er kwam verandering in het toneel door de opkomst van het burgerlijke treurspel. Deze gingen niet meer over Bijbelse en klassieke helden, maar over het leed van de gewone burgers in de moderne, verlichte tijden. De burgers konden zich dan ook beter identificeren met de personages.
Pieter Langendijk en het Frans-Classicisme
In de tijd van Pieter Langendijk viel het niet mee om een huwelijkspartner te vinden zonder contactadvertenties, relatiebemiddelingsbureaus en chatboxen. Ook Langendijk zelf trouwde pas op late leeftijd. Hij schreef blijspelen over de liefde, omdat hij en vele andere mensen met hem niet snel een huwelijkspartner konden vinden. Misschien wilde hij met zijn verhalen mensen hoop en moed geven dat er wel degelijk een partner te vinden is, voor iedereen.
Sara Burgerhart: roman in brieven
De briefroman is een roman waarin het verhaal wordt verteld door middel van brieven die verschillende personages aan elkaar schrijven. De briefroman betekende een kleine revolutie in het genre roman, het was iets totaal nieuws. In avonturenromans draaide alles om avontuur en anekdotes, terwijl in de briefroman de gedachten, gevoelens en psychologie van de personages centraal stond.
Brieven zijn heel geschikt om een verhaal te vertellen, omdat je zo echt in het hoofd van de personages kan kijken. Je leest hoe ze zich voelen, hoe ze denken en hoe dat invloed heeft op het verloop van het verhaal. Het is zo mogelijk om je beter te identificeren met de personen, omdat je precies weet hoe ze zich voelen. Dit maakt het verhaal makkelijker leesbaar en interessanter.
Sara Burgerhart
De les die Wolff en Deken aan hun lezers willen meegeven is "eerst denken, dan doen". Deze levensles komt ook duidelijk naar voren in hun verhaal over Sara Burgerhart. Sara is te naïef geweest om met R. mee te gaan, want als ze eerst had nagedacht, dan wist ze dat ze niet op tijd terug zou kunnen zijn voordat de stadspoorten zouden sluiten. Sara is een jonge vrouw en volgens Wolff en Deken is dit de reden dat ze nog naïef is. Ze heeft goede opvoeders nodig om haar de weg te wijzen en te waarschuwen wanneer dat nodig is.
Kinderliteratuur
Van Alphen was de eerste die erin slaagde om in 1778 een echt Nederlands kinderboek te schrijven. Voor het eerst werd in kindertaal Nederlandse problemen bij Nederlandse kinderen beschreven. Elk gedichtje gaat over herkenbare situaties met aan het eind een wijze les. Dit was ook de reden dat de kinderboeken van Van Alphen zo succesvol waren.
Kinderliteratuur was eigenlijk net zo leerzaam voor de ouders als voor de kinderen. Veel schrijvers maakten namelijk van de gelegenheid gebruik om politieke standpunten in hun teksten te verstoppen.
De kleine Grandisson
Karel Grandisson is een voorbeeldig jongetje. Hij is solidair en laat zich leiden door de juiste emoties, hij is behulpzaam en mededogen. Door het contrast met zijn ondeugende broer, komt het voorbeeldige gedrag van Karel extra naar voren. Één heldendaad van Karel is het redden van een gewonde man. Hij verzorgt de eerste hulp en zorgt voor onderdak voor de man. Als Karel een dag later thuiskomt, wordt hij de hemel ingeprezen. Dit boek leert kinderen dat de behulpzaamheid een goede eigenschap is; kinderen spiegelen zich daadwerkelijk aan Karel.
Literatuur en revolutie
In de periode van 1780 tot 1795 werd de politieke pers geboren. Het was voor het eerst dat het publiek een stortvloed kreeg aan verschillende politieke meningen. Alle informatie en de verschillende meningen zorgde ervoor dat het publiek een mening kon ontwikkelen over de actuele gebeurtenissen en de politiek.
In die tijd was Nederland jarenlang verdeeld in twee partijen die recht tegenover elkaar stonden: patriotten en orangisten. Een van de origineelste en bekendste literaire-politieke bladen was Janus, die zich specialiseerde in het bekritiseren van deze politieke partijen. Janus was een beschermgod met twee gezichten die ieder een kant opkijken. Dit tijdschrift is dat ook Janus genoemd, omdat de patriotten en orangisten tegenover elkaar staan en dus beide een andere kant opkijken net als de gezichten van de beschermgod Janus.
Jacobus Bellamy als patriottische dichter
Jacobus Bellamy was één van de populairste dichters van Nederland. Bellamy had een passie voor de literatuur en deed dan ook niets liever dan schrijven. Hij droeg onder andere bij aan tijdschriften, maar werd beroemd met zijn poëzie. Hij had naast literatuur ook een grote passie voor de politiek en in Utrecht werd hij dan ook een politiek activist. Hij publiceerde politieke gedichten wat hem tot de literaire propagandist van de patriotten maakte. Bellamy was dus een grote bijdrage voor de ontwikkeling van de publieke opinie.
Multiculti: literatuur in de koloniën
Mauricius was een dichter die gouverneur was in Suriname. Hij publiceerde zijn dichtbundel pas na terugkomst in Nederland. Op de terugreis schreef hij het gedicht Gezang op zee waarin hij beschreef wat Suriname allemaal aan hem te danken had. Hij was voor de slavernij. Daarentegen waren Van Hoogendorp en Haafner het totaal niet eens met de manier waarop slaven behandeld werden. Zij vonden dat de slavernij afgeschaft moest worden en dit beschreven zij in hun verhalen
Het toneelstuk Kraspoekol van Van Hoogendorp werd in 1801 in het Haagse schouwburg gespeeld. Daar moest het toneelstuk al na de eerste akte worden gestaakt, omdat het zoveel weerstand in het publiek veroorzaakte. Aangezien het publiek uit Nederlandse mensen bestond, denk ik dat de Nederlanders niet gezien wilde worden als slechte mensen. Ze wilden niet inzien dat de slaven zo onmenselijk behandeld werden.
Jacob Haafner
Het idee was dat de Europeanen de Verlichte mensen waren en die hun kennis over moesten dragen aan de Aziaten, maar Jacob Haafner zag dit niet zo. Hij vond dat alle mensen gelijk waren ongeacht huidskleur en geloof. De Aziaten waren mensen die elkaar vertrouwde, elkaar gelijk behandelde en niet discrimineerde. Haafner vond dan ook dat de Europeanen iets zouden moeten leren van de Aziaten.
donderdag 13 maart 2014
Goena Goena - P.A. Daum
Daum was een van de eerste naturalistische schrijvers in Nederland, geïnspireerd door de schrijfopvattingen van Zola, met een speciale aandacht voor de werking van het (Indische) milieu op de mens. Hij verzette zich tegen het idealiserende en moraliserende proza van die tijd en streefde naar een meer objectieve en realistische vertelwijze, in een journalistieke stijl, waarin de dialoog een belangrijkere rol speelt dan de beschrijving.
'Goena-goena' is de roman die het derde en laatste deel van
de 'Verzamelde Romans' vormt, geschreven door P.A. Daum. In deze roman draait
het om een inheemse vrouw, Betsy, die ongelukkig getrouwd is met Den Ekster. Ze
laat zich door haar baboe Sarinah met allerlei tovermiddeltjes bijstaan. Als
Den Ekster sterft, is het onduidelijk of dit aan Sarinahs duistere praktijken
te wijden is. Pogingen om vervolgens de getrouwde notaris Bronkhorst voor zich
te winnen, lopen op niets uit als Bronkhorst ontwaakt uit zijn
begoocheling.
Goena-goena heeft een redelijk simpele verhaallijn. Het is
een chronologische verhaal en bevat geen flashbacks of flashforwards. Het schetst
wel, net als zijn andere boeken, een realistisch beeld van de situatie in
Indonesië. Daum was fel tegen het Nederlandse beleid in Indonesië en
beschreef dit dan ook in de krant waarbij hij werkte en later ook in zijn
boeken. Ook in goena-goena komt dit naar voren; een Indonesische vrouw heeft de
'macht' over een Nederlandse man. Dit is ook een goed voorbeeld van de emancipatie
van de vrouw, die Daum vaak in zijn boeken beschreef.
Hoewel de roman uit de 19e eeuw komt, is het niet
moeilijk te lezen. Er staan wel Indonesische en Franse woorden in, maar met de
woordenlijst achter in het boek is het toch te begrijpen. Ik vond het juist wel
interessant dat de Nederlandse, Indonesische en Franse woorden door elkaar
werden gebruikt. De Indonesische woorden maken dat het boek een echte
Indonesische sfeer heeft, samen met de realistische beschrijving van Daum. In
de roman is sprake van een alwetende verteller, waardoor je de gevoelens van
elke persoon kan ‘meevoelen’. Dit maakt het wel moeilijker om je te
identificeren met één van de personen.
Eerst had ik verwacht dat het boek ongeveer hetzelfde zou
zijn als ‘De Stille Kracht’ van Louis Couperus, maar dit bleek niet zo te zijn.
‘Goena-Goena’ en ‘de Stille kracht’ hebben letterlijk dezelfde betekenis, maar
beide schrijvers hebben het op een andere manier uitgewerkt. In ‘De Stille
Kracht’ is de magische kracht onzichtbaar, maar in Goena-Goena wordt de magie
gecreëerd door de toverdrankjes van Sarinah.
Ik vond ‘Goena-Goena’ een leuker boek dan ‘de Stille Kracht’.
Ik denk om het feit dat ik de Stille Kracht veel moeilijker geschreven vond en
niet goed begreep. Aan het begin moest ik ook even in het verhaal van
Goena-Goena komen, maar het verhaal sprak me meer aan en het de taal was niet
moeilijk, ondanks dat het een oud boek is.
maandag 9 december 2013
Close to you - Michael Prins
1. I didn't change my name for good luck, it just happened to be mine
2. Didn't ask for any reason or any of your time
3. I don't need your advertising, I don't seek for diamond eyes
4. I don't fit in your perfection, I don't fit into your life
5. But to you my darling, for you I would truly sing
6. For you my crazy babe, I would do just anything
7. Just to get close to you
8. And the other night you made me dance but now I act insane
9. I try to find a reason and I try not to be strange
10. And I think that it's funny cause I'm nowhere near like you
11. You made of me a villain, oh but maybe that's more true
12. And I'm searching for my pride again
13. As I'm haunting for your eyes again
14. But you're nowhere to be found tonight
15. Still I wait in every morning light
16. So until that day is mine
17. So is it me the one who is out of sight, am I running out of time
18. Do you want to see me prisoned, yet to guard you through the night
19. Is your vision to be save and told that everything's alright
20. When the whole god damn world knows about the danger of this tide
21. Well then I would come back for you, yes I would come back to you
22. Knowing you would walk away, knowing you would walk away
23. So until that day is mine
24. And then you might not well remember me, or act like you're surprised
25. When everyone's surrounding you, but darling that don't mind
26. Just turn around and look at me when you pass me in the aisle
27. I still hold a thousand doors for you, just to talk to you so I could get close to you
28. And why won't you see me through
29. Knowing I would never leave
30. Knowing I would never leave
31. So until that day is mine, darling I would wait for you
32. I would wait for you, I would wait for you
33. And why won't you see me through, I would wait for you
34. Darling I would wait for you, my love
35. My love, why won't you see me through
36. That darling I would wait for you
Vertaling:
1. Ik heb mijn naam niet veranderd, het gebeurde mij gewoon
2. Ik vroeg niet om een reden of naar je tijd
3. Ik heb je advies niet nodig, ik zoek geen diamanten ogen
4. Ik pas niet in jouw perfectie, ik pas niet in jouw leven.
5. Maar voor jou mijn liefste, voor jou zou ik echt zingen
6. Voor jou mijn allerliefste, ik zou alles voor je doen
7. Alles zodat ik dicht bij je kom
8. Een andere nacht liet je me dansen, maar nu gedraag ik me raar
9. Ik zoek naar een reden en probeer niet raar te zijn
10. Ik denk dat het grappig is, want ik lijk niet op jou
11. Je maakte een schurk van mij, maar misschien is dat wel waar
12. En ik zoek weer naar mijn trots
13. Zoals ik alweer naar jouw ogen zoek
14. Maar vanavond ben je nergens te vinden
15. Ik wacht nog steeds in elk ochtendlicht
16. Totdat die dag van mij is
17. Ben ik degene die uit het zicht is, of is mijn tijd bijna op
18. Wil je me opgesloten zien, doch je te begeleiden door de nacht
19. Is veilig zijn jouw droombeeld, verteld dat alles goed is
20. Terwijl de hele verdomde wereld het gevaar ziet van de vloed
21. Nou dan zal ik terugkeren naar jou, ik zal terugkeren naar jou
22. Ik weet dat je weg zal lopen, ik weet dat je weg zal lopen
23. Totdat die dag van mij is
24. En je zal me misschien niet herinneren, of doen alsof je verrast bent
25. Als iedereen jou omringd, maar liefste dat maakt me niet uit
26. Draai je om en kijk naar mij wanneer je me passeert
27. Ik zal duizenden deuren openen, om met je te kunnen praten, alles zodat ik dichter bij je kom
28. En waarom duw je mij nou weg
29. Wetende dat ik nooit wegga
30. Wetende dat ik nooit wegga
31. Totdat die dag van mij is, liefste ik zal op je wachten
32. Ik zal op je wachten, ik zal op je wachten
33. Waarom duw je me weg, ik zal op je wachten
34. Schat ik zal op je wachten, mijn lief
35. Mijn liefste, waarom duw je me steeds weg
36. Wetende dat ik op je zal wachten
2. Didn't ask for any reason or any of your time
3. I don't need your advertising, I don't seek for diamond eyes
4. I don't fit in your perfection, I don't fit into your life
5. But to you my darling, for you I would truly sing
6. For you my crazy babe, I would do just anything
7. Just to get close to you
8. And the other night you made me dance but now I act insane
9. I try to find a reason and I try not to be strange
10. And I think that it's funny cause I'm nowhere near like you
11. You made of me a villain, oh but maybe that's more true
12. And I'm searching for my pride again
13. As I'm haunting for your eyes again
14. But you're nowhere to be found tonight
15. Still I wait in every morning light
16. So until that day is mine
17. So is it me the one who is out of sight, am I running out of time
18. Do you want to see me prisoned, yet to guard you through the night
19. Is your vision to be save and told that everything's alright
20. When the whole god damn world knows about the danger of this tide
21. Well then I would come back for you, yes I would come back to you
22. Knowing you would walk away, knowing you would walk away
23. So until that day is mine
24. And then you might not well remember me, or act like you're surprised
25. When everyone's surrounding you, but darling that don't mind
26. Just turn around and look at me when you pass me in the aisle
27. I still hold a thousand doors for you, just to talk to you so I could get close to you
28. And why won't you see me through
29. Knowing I would never leave
30. Knowing I would never leave
31. So until that day is mine, darling I would wait for you
32. I would wait for you, I would wait for you
33. And why won't you see me through, I would wait for you
34. Darling I would wait for you, my love
35. My love, why won't you see me through
36. That darling I would wait for you
Vertaling:
1. Ik heb mijn naam niet veranderd, het gebeurde mij gewoon
2. Ik vroeg niet om een reden of naar je tijd
3. Ik heb je advies niet nodig, ik zoek geen diamanten ogen
4. Ik pas niet in jouw perfectie, ik pas niet in jouw leven.
5. Maar voor jou mijn liefste, voor jou zou ik echt zingen
6. Voor jou mijn allerliefste, ik zou alles voor je doen
7. Alles zodat ik dicht bij je kom
8. Een andere nacht liet je me dansen, maar nu gedraag ik me raar
9. Ik zoek naar een reden en probeer niet raar te zijn
10. Ik denk dat het grappig is, want ik lijk niet op jou
11. Je maakte een schurk van mij, maar misschien is dat wel waar
12. En ik zoek weer naar mijn trots
13. Zoals ik alweer naar jouw ogen zoek
14. Maar vanavond ben je nergens te vinden
15. Ik wacht nog steeds in elk ochtendlicht
16. Totdat die dag van mij is
17. Ben ik degene die uit het zicht is, of is mijn tijd bijna op
18. Wil je me opgesloten zien, doch je te begeleiden door de nacht
19. Is veilig zijn jouw droombeeld, verteld dat alles goed is
20. Terwijl de hele verdomde wereld het gevaar ziet van de vloed
21. Nou dan zal ik terugkeren naar jou, ik zal terugkeren naar jou
22. Ik weet dat je weg zal lopen, ik weet dat je weg zal lopen
23. Totdat die dag van mij is
24. En je zal me misschien niet herinneren, of doen alsof je verrast bent
25. Als iedereen jou omringd, maar liefste dat maakt me niet uit
26. Draai je om en kijk naar mij wanneer je me passeert
27. Ik zal duizenden deuren openen, om met je te kunnen praten, alles zodat ik dichter bij je kom
28. En waarom duw je mij nou weg
29. Wetende dat ik nooit wegga
30. Wetende dat ik nooit wegga
31. Totdat die dag van mij is, liefste ik zal op je wachten
32. Ik zal op je wachten, ik zal op je wachten
33. Waarom duw je me weg, ik zal op je wachten
34. Schat ik zal op je wachten, mijn lief
35. Mijn liefste, waarom duw je me steeds weg
36. Wetende dat ik op je zal wachten
zondag 8 december 2013
Literatuurgeschiedenis 'De Gouden Eeuw'
Rederijkersliteratuur
De Nederlands taal was een uitdaging voor de rederijkers. Ze hadden een aantal uitdagende regels voor de vormgeving van hun teksten. Het ging erom wie er binnen de gestelde grenzen de mogelijkheden van de taal het 'kunstigst' wist te gebruiken om zijn boodschap over te dragen. Aandacht voor de vorm ging niet ten koste van de inhoud, maar was juist een eerbetoon daaraan. Bij het zoeken naar de harmonie tussen de inhoud en de vorm, richtten de rederijkers zich vooral op de herhaling van versregels en rijmklanken en op de volgorde van versregels en woorden. Zo waren er ook verschillende dichtvormen met verschil in moeilijkheidsgraad.
Rederijkers besteedden veel aandacht aan de inhoud en vorm van hun teksten. Er zat een diepere gedachte achter hun vormvastheid. Men ging ervan uit dat God orde in de schepping had aangebracht, van macroniveau (het heelal) tot op microniveau (het menselijk lichaam). De mens moest in de kunsten proberen deze harmonie, deze perfecte verhoudingen te weerspiegelen in de inhoud en vorm van hun teksten.
Themapagina's 'Leven en sterven voor het geloof' en 'De geschiedenis in een notendop'
Twee thema's voor een zeventiende-eeuws landjuweel zouden kunnen zijn het geloof en de vrijheid. Het geloof stond heel centraal in die tijd, maar werd wel minder aan de kerk verbonden door de ideeën van Luther en Calvijn. De vrijheid is een goed onderwerp, omdat Nederland de vrijheidsstrijd tegen Spanje won. De inzendingen moeten aan één belangrijke eis voor de vormgeving voldoen. De inhoud moet niet ten koste gaan van de vormgeving, maar de vorm moet juist een eerbetoon zijn voor de inhoud.
Gouden tijden
De Nederlands taal was een uitdaging voor de rederijkers. Ze hadden een aantal uitdagende regels voor de vormgeving van hun teksten. Het ging erom wie er binnen de gestelde grenzen de mogelijkheden van de taal het 'kunstigst' wist te gebruiken om zijn boodschap over te dragen. Aandacht voor de vorm ging niet ten koste van de inhoud, maar was juist een eerbetoon daaraan. Bij het zoeken naar de harmonie tussen de inhoud en de vorm, richtten de rederijkers zich vooral op de herhaling van versregels en rijmklanken en op de volgorde van versregels en woorden. Zo waren er ook verschillende dichtvormen met verschil in moeilijkheidsgraad.
Rederijkers besteedden veel aandacht aan de inhoud en vorm van hun teksten. Er zat een diepere gedachte achter hun vormvastheid. Men ging ervan uit dat God orde in de schepping had aangebracht, van macroniveau (het heelal) tot op microniveau (het menselijk lichaam). De mens moest in de kunsten proberen deze harmonie, deze perfecte verhoudingen te weerspiegelen in de inhoud en vorm van hun teksten.
Themapagina's 'Leven en sterven voor het geloof' en 'De geschiedenis in een notendop'
Twee thema's voor een zeventiende-eeuws landjuweel zouden kunnen zijn het geloof en de vrijheid. Het geloof stond heel centraal in die tijd, maar werd wel minder aan de kerk verbonden door de ideeën van Luther en Calvijn. De vrijheid is een goed onderwerp, omdat Nederland de vrijheidsstrijd tegen Spanje won. De inzendingen moeten aan één belangrijke eis voor de vormgeving voldoen. De inhoud moet niet ten koste gaan van de vormgeving, maar de vorm moet juist een eerbetoon zijn voor de inhoud.
Tegenwoordig is het geloof niet zo belangrijk meer. Vrijheid is voor ons heel gewoon. Dit zouden dan ook geen voor de hand liggende thema's meer zijn voor een poëtische wedstrijd. Een heel centraal onderwerp in onze maatschappij is de economische crisis. Dit zou een goed onderwerp kunnen zijn, maar een heel ander onderwerp zoals liefde, zou ook kunnen voor een poetry slam.
Gouden tijden
Bij de term de Gouden Eeuw dachten de mensen aan een tekst uit de klassieke Latijnse literatuur die ieder ontwikkeld mens wel gelezen had. Het boek heette Metamorfosen van de Romeinse auteur Ovidius. In dit boek staat het Romeinse scheppingsverhaal. Als de aarde en het heelal zijn gevormd en de mens is geschapen als hoogste van de levende wezens, breekt er een gouden tijd aan van universele harmonie. Iedereen leeft vredig met elkaar samen.
Het begrip 'Gouden Eeuw' kent een letterlijke en figuurlijke betekenis. De letterlijke betekenis is het goud: de Republiek der Verenigde Nederlanden beschikte over grote rijkdommen, met Amsterdam als centrum van de wereldhandel. Het figuurlijke aspect is dat in de Gouden Eeuw de Nederlandse cultuur op wereldniveau glansde en schitterde.
De bloei in de Gouden Eeuw ontstond door een combinatie van een aantal factoren. Door de natuurlijke ligging aan waterroutes en de geavanceerde schepen, had de Noord-Nederlandse Republiek wereldwijde handelscontacten. Ook was er in de republiek de combinatie van vruchtbaar platteland met geïndustrialiseerde steden en het betrekkelijk hoge opleidingsniveau van de bevolking. Een belangrijke factor voor de goede economie in de Republiek is dat veel Spaanse vluchtelingen naar Holland en Zeeland kwamen. Door deze verschillende factoren leken de andere Europese staten relatief zwak.
Het gedicht van Jacob Cats
De dichter Jacob Cats brengt al het voedsel dat Nederland uit de wereld importeert in verband met Gods wonderbaarlijke zegen. Er zijn verschillende elementen in het gedicht van Jacob Cats verwerkt, namelijk vuur, water, aarde en lucht. Met het vuur wordt de zon bedoeld. De zon is een energiebron die nodig is om de gewassen te laten groeien ("een zon, die duizend gouden stralen laat op onz' kleine tuin gedurig nederdalen."). Met aarde wordt de grond bedoeld waar de gewassen op groeien ("of uit de aarde groeit"). De lucht is ook nodig om de gewassen te laten groeien. Het water is nodig om de gewassen vanuit de hele wereld naar Nederland te krijgen ("dat komt ons met de zee de haven ingevloeid").
Pieter Corneliszoon Hooft, de elegante intellectueel
Hooft had veel ideeën die hij met zijn werk wilde uitdragen. Hij wilde de Nederlandse literatuur moderniseren. Hij kwam op dit idee doordat hij in Frankrijk en Italië de renaissance en de oudheid beter leerde kennen. Hij vond dat Nederland hier een voorbeeld aan moest nemen. Ook wilde hij graag zijn humanistische denkbeelden naar voren brengen. Bijvoorbeeld dat leidinggevenden het landsbelang boven hun eigen belang moeten stellen en hun ondergeschikten goed moeten behandelen. Een ander belangrijk onderwerp van zijn gedichten was de liefde. Hooft was vaak verliefd en alle gevoelens tussen wanhoop en geluk zijn bij hem te vinden.
Het 'Deuntje'
Sijbrecht is een mooie vrouw die een voorbeeld is voor hoe je je niet moet gedragen in een huwelijk. Ze misbruikt de wil van Jan om zo een relatie te krijgen, door dominant te zijn. Jan laat het allemaal maar over hem heen komen, omdat hij echt van haar houdt.
De refreinregel 'Reine liefd' kan niet vergaan' betekent dat echte liefde niet vergaat.
http://home.hetnet.nl/~corpetrus/dichters/FrancescoPetrarca.htm : sonnet 134 en sonnet 292
Een overeenkomst tussen deze drie gedichten is dat ze op dezelfde manier rijmen. De eerste en laatste regel van elk couplet rijmen en de twee middelste regels rijmen. Ook hebben ze allemaal als onderwerp de onbereikbare liefde. Het verschil is dat de twee sonnetten van Francesco Petrarca beter te begrijpen zijn vanwege het taalgebruik. De gedichten van Hooft waren vaak moeilijk te begrijpen, omdat hij niet bestaande woorden gebruikte.
Een sonnet was een compacte dichtvorm waarin de auteur zijn technische kwaliteiten kon laten zien: een veertienregelig gedicht met een wending in de inhoud, vaak na de achtste versregel.
Deze gedichten voldoen aan deze regels. Alle drie de gedichten hebben veertien regels en hebben na een wending in het gedicht. Na deze wending ziet de schrijver in dat de liefde niet alleen maar mooi is.
Aardse paradijzen
Rijke zeventiende-eeuwers lieten buiten de steden een buitenplaats aanleggen met mooie tuinen. De trotse eigenaren van deze buitenplaatsen lieten hun bezit vereeuwigen op prenten, schilderijen en in gedichten. Tussen 1600 en 1800 zijn er zo'n honderd Nederlandse hofdichten gemaakt, gedichten over buitenplaatsen. Deze hoeveelheid geeft de rijkdom en welvaart in de Noord-Nederlandse Republiek aan. De Nederlandse hofdichten namen het idee van Vergilius over: wie op een buitenplaats woont en zijn tuin cultiveert, krijgt oog voor de diepere betekenis van de natuur. Groei en bloei van planten en gedrag van dieren sporen aan tot nadenken. Een hofdicht volgt vrijwel altijd de observerende en filosoferende wandelaar in een ordelijk aangelegde tuin. De natuur speelde dus een erg belangrijke rol in de hofdichten.
Huygensmuseum Hofwijck
Huygens' buitenhuis is nu een museum. Het oorspronkelijke gebouw is gerenoveerd. Het gebouw heeft twee nieuwe verdiepingen en de buitenzijde is compleet gerestaureerd. Het huis heeft nu okergele luiken die ook te zien waren in de originele tekening van Hofwijck door Christiaan Huygens. De tuin is in 2004 gereconstrueerd naar het origineel van Christiaan Huygens uit 1640, een zeventiende-eeuwse tuin. Dit ontwerp van Huygens is gebaseerd op de architectuurtheorie van Vitruvius waarin de harmonie van het menselijk lichaam centraal staat.
Buitens Ockenburg en Sorghvliet
Sorghvliet is een eeuwenoud landgoed dat grenst aan de Scheveningseweg. De dichter Jacob Cats liet dit landgoed aanleggen en liet er een groot, wit, classicistisch landhuis op bouwen. Het landhuis ligt nu verborgen in een bos. De Haagse Beek stroomt door Sorghvliet. Over het water van de beek liggen enkele boogbruggetjes.
Het huidige landgoed Ockenburg is omstreeks 1650 aangelegd in opdracht van de dichter en medicus Jacob Westerbaen. Westerbaen liet, net als Cats, een groot classicistisch landhuis op zijn landgoed bouwen. Later kwam het landgoed in handen van Maarten Pauw, die een Neo-classicistisch landhuis liet bouwen. Dit landhuis staat er nog steeds. Van de classicistische stijl is nu niet veel meer te zien op het landgoed.
Mijn conclusie uit al deze gegevens is dat Huygens' buitenhuis zoveel mogelijk in de stijl van Huygens is gebleven, maar dat in de landgoeden Sorghvliet en Ockenburg de huidige stijl niet meer is terug te zien.
Joost van den Vondel, de prins der dichters
De dichter Joost van den Vondel was in zijn eigen tijd al erg beroemd. Een van de redenen is dat hij veel gebeurtenissen uit de Gouden Eeuw heeft gecommentarieerd. Ook zijn uitgesproken mening zorgde voor deze bekendheid. Hij koos vaak duidelijk een partij. In een toneelstuk beschuldigde hij de tegenstander van Oldenbarnevelt, prins Maurits van Oranje Nassau, van landverraad. Hij wist dat dit voor opschudding zal zorgen, dus nam hij voorzorgsmaatregelen. Hij publiceerde het verhaal in een ander verhaal, na de dood van Maurits en anoniem. Toch kwam men er achter dat hij de auteur was en moest hij een boete betalen. Iedereen wilde het boek lezen, dus werden er illegale herdrukken gemaakt.
Vondel kon niet leven van het schrijven. Mensen waren geïnteresseerd in zijn werk, maar hij werd gewantrouwd door zijn uitgesproken mening.
Gedicht 'Het stockske'
In dit gedicht wordt de onthoofding van raadpensionaris Johan van Oldenbarnevelt beschreven. Vondel spreekt het stokje in het gedicht aan als een persoon. Hij gebruikt deze techniek, omdat hij verontwaardigd was over de 'moord' zoals hij het zag. Hij vond het harteloos klinken als hij de stok niet als persoon aansprak. De boodschap die Vondel mee wil geven is dat je niet zomaar iemand kan vermoorden en dat hij de moord erg onterecht vond. Het stokje is tegenwoordig nog te zien in het Rijksmuseum.
Het gedicht van Jacob Cats
De dichter Jacob Cats brengt al het voedsel dat Nederland uit de wereld importeert in verband met Gods wonderbaarlijke zegen. Er zijn verschillende elementen in het gedicht van Jacob Cats verwerkt, namelijk vuur, water, aarde en lucht. Met het vuur wordt de zon bedoeld. De zon is een energiebron die nodig is om de gewassen te laten groeien ("een zon, die duizend gouden stralen laat op onz' kleine tuin gedurig nederdalen."). Met aarde wordt de grond bedoeld waar de gewassen op groeien ("of uit de aarde groeit"). De lucht is ook nodig om de gewassen te laten groeien. Het water is nodig om de gewassen vanuit de hele wereld naar Nederland te krijgen ("dat komt ons met de zee de haven ingevloeid").
Pieter Corneliszoon Hooft, de elegante intellectueel
Hooft had veel ideeën die hij met zijn werk wilde uitdragen. Hij wilde de Nederlandse literatuur moderniseren. Hij kwam op dit idee doordat hij in Frankrijk en Italië de renaissance en de oudheid beter leerde kennen. Hij vond dat Nederland hier een voorbeeld aan moest nemen. Ook wilde hij graag zijn humanistische denkbeelden naar voren brengen. Bijvoorbeeld dat leidinggevenden het landsbelang boven hun eigen belang moeten stellen en hun ondergeschikten goed moeten behandelen. Een ander belangrijk onderwerp van zijn gedichten was de liefde. Hooft was vaak verliefd en alle gevoelens tussen wanhoop en geluk zijn bij hem te vinden.
Het 'Deuntje'
Sijbrecht is een mooie vrouw die een voorbeeld is voor hoe je je niet moet gedragen in een huwelijk. Ze misbruikt de wil van Jan om zo een relatie te krijgen, door dominant te zijn. Jan laat het allemaal maar over hem heen komen, omdat hij echt van haar houdt.
De refreinregel 'Reine liefd' kan niet vergaan' betekent dat echte liefde niet vergaat.
http://home.hetnet.nl/~corpetrus/dichters/FrancescoPetrarca.htm : sonnet 134 en sonnet 292
Een overeenkomst tussen deze drie gedichten is dat ze op dezelfde manier rijmen. De eerste en laatste regel van elk couplet rijmen en de twee middelste regels rijmen. Ook hebben ze allemaal als onderwerp de onbereikbare liefde. Het verschil is dat de twee sonnetten van Francesco Petrarca beter te begrijpen zijn vanwege het taalgebruik. De gedichten van Hooft waren vaak moeilijk te begrijpen, omdat hij niet bestaande woorden gebruikte.
Een sonnet was een compacte dichtvorm waarin de auteur zijn technische kwaliteiten kon laten zien: een veertienregelig gedicht met een wending in de inhoud, vaak na de achtste versregel.
Deze gedichten voldoen aan deze regels. Alle drie de gedichten hebben veertien regels en hebben na een wending in het gedicht. Na deze wending ziet de schrijver in dat de liefde niet alleen maar mooi is.
Aardse paradijzen
Rijke zeventiende-eeuwers lieten buiten de steden een buitenplaats aanleggen met mooie tuinen. De trotse eigenaren van deze buitenplaatsen lieten hun bezit vereeuwigen op prenten, schilderijen en in gedichten. Tussen 1600 en 1800 zijn er zo'n honderd Nederlandse hofdichten gemaakt, gedichten over buitenplaatsen. Deze hoeveelheid geeft de rijkdom en welvaart in de Noord-Nederlandse Republiek aan. De Nederlandse hofdichten namen het idee van Vergilius over: wie op een buitenplaats woont en zijn tuin cultiveert, krijgt oog voor de diepere betekenis van de natuur. Groei en bloei van planten en gedrag van dieren sporen aan tot nadenken. Een hofdicht volgt vrijwel altijd de observerende en filosoferende wandelaar in een ordelijk aangelegde tuin. De natuur speelde dus een erg belangrijke rol in de hofdichten.
Huygensmuseum Hofwijck
Huygens' buitenhuis is nu een museum. Het oorspronkelijke gebouw is gerenoveerd. Het gebouw heeft twee nieuwe verdiepingen en de buitenzijde is compleet gerestaureerd. Het huis heeft nu okergele luiken die ook te zien waren in de originele tekening van Hofwijck door Christiaan Huygens. De tuin is in 2004 gereconstrueerd naar het origineel van Christiaan Huygens uit 1640, een zeventiende-eeuwse tuin. Dit ontwerp van Huygens is gebaseerd op de architectuurtheorie van Vitruvius waarin de harmonie van het menselijk lichaam centraal staat.
Buitens Ockenburg en Sorghvliet
Sorghvliet is een eeuwenoud landgoed dat grenst aan de Scheveningseweg. De dichter Jacob Cats liet dit landgoed aanleggen en liet er een groot, wit, classicistisch landhuis op bouwen. Het landhuis ligt nu verborgen in een bos. De Haagse Beek stroomt door Sorghvliet. Over het water van de beek liggen enkele boogbruggetjes.
Het huidige landgoed Ockenburg is omstreeks 1650 aangelegd in opdracht van de dichter en medicus Jacob Westerbaen. Westerbaen liet, net als Cats, een groot classicistisch landhuis op zijn landgoed bouwen. Later kwam het landgoed in handen van Maarten Pauw, die een Neo-classicistisch landhuis liet bouwen. Dit landhuis staat er nog steeds. Van de classicistische stijl is nu niet veel meer te zien op het landgoed.
Mijn conclusie uit al deze gegevens is dat Huygens' buitenhuis zoveel mogelijk in de stijl van Huygens is gebleven, maar dat in de landgoeden Sorghvliet en Ockenburg de huidige stijl niet meer is terug te zien.
Joost van den Vondel, de prins der dichters
De dichter Joost van den Vondel was in zijn eigen tijd al erg beroemd. Een van de redenen is dat hij veel gebeurtenissen uit de Gouden Eeuw heeft gecommentarieerd. Ook zijn uitgesproken mening zorgde voor deze bekendheid. Hij koos vaak duidelijk een partij. In een toneelstuk beschuldigde hij de tegenstander van Oldenbarnevelt, prins Maurits van Oranje Nassau, van landverraad. Hij wist dat dit voor opschudding zal zorgen, dus nam hij voorzorgsmaatregelen. Hij publiceerde het verhaal in een ander verhaal, na de dood van Maurits en anoniem. Toch kwam men er achter dat hij de auteur was en moest hij een boete betalen. Iedereen wilde het boek lezen, dus werden er illegale herdrukken gemaakt.
Vondel kon niet leven van het schrijven. Mensen waren geïnteresseerd in zijn werk, maar hij werd gewantrouwd door zijn uitgesproken mening.
Gedicht 'Het stockske'
In dit gedicht wordt de onthoofding van raadpensionaris Johan van Oldenbarnevelt beschreven. Vondel spreekt het stokje in het gedicht aan als een persoon. Hij gebruikt deze techniek, omdat hij verontwaardigd was over de 'moord' zoals hij het zag. Hij vond het harteloos klinken als hij de stok niet als persoon aansprak. De boodschap die Vondel mee wil geven is dat je niet zomaar iemand kan vermoorden en dat hij de moord erg onterecht vond. Het stokje is tegenwoordig nog te zien in het Rijksmuseum.
Lachen is gezond
In de zeventiende eeuw dacht men dat de lach een heilzame werking had. Ze dachten dat lachen het ideale medicijn was tegen depressies. Daarom legde de beste grappenmaker van uit de Republiek der Verenigde Nederlanden, Aernout van Overbeke, een verzameling aan van bijna 2500 moppen en anekdotes. Deze werden verteld in gezelschap.
De literaire humor in de Zuidelijke Nederlanden, waar een strenge censuur heerste, waren eigenlijk levenslessen in de vorm van een grap over verkeerd gedrag. Meestal gingen deze grappen over vergeetachtige priesters of meisjes die voor het huwelijk hun maagdelijkheid hadden verloren. In de Noordelijke Nederlanden was er een grotere vrijheid wat betreft de literaire humor. Dit zorgde voor veel grappen en anekdotes over seksualiteit, waaronder de verzenbundel Uyt-heemsen oorlog, ofte Roomse min-triomfen. Deze dichter komt naar voren als iemand die onafhankelijk over zijn eigen lichaam beschikt, en zijn seksualiteit niet laat belemmeren door overheid, kerk of burgerlijk fatsoen.
Bredero's Moortje en Huygens' Trijntje Cornelisdr.
Bredero's Moortje en Huygens' Trijntje Cornelisdr.
De schrijvers Bredero en Huygens gebruiken beide humoristische aspecten in hun verhalen. Bredero schreef komedies met liefdesverhalen erin verwerkt. In zijn verhalen zat altijd een ingewikkeld plot. Huygens schreef met veel humor en relativering, maar er kwamen ook ernstige zaken aan bod. Zijn taalgebruik was scherpzinnig met levenslessen erin verwerkt.
Het verschil tussen de verhalen van deze schrijvers is dat ze beide een andere stijl hebben. Bredero's stijl is veel vrijer. Huygens' stijl lijkt op die van de Zuidelijke Nederlanden. Hij verwerkte levenslessen in zijn verhalen.
Het verschil tussen de verhalen van deze schrijvers is dat ze beide een andere stijl hebben. Bredero's stijl is veel vrijer. Huygens' stijl lijkt op die van de Zuidelijke Nederlanden. Hij verwerkte levenslessen in zijn verhalen.
'De stille kracht' - Louis Couperus
Het taalgebruik in het boek is heel ouderwets, waardoor het verhaal lastig te begrijpen is. Er zijn lange en beschrijvende zinnen met veel beeldspraak. Daarnaast worden er ook niet-bestaande woorden en Indische woorden gebruikt. Aan de andere kant vind ik het taalgebruik juist origineel en uniek. Aan het begin van het boek vond ik het verhaal lastig te begrijpen. Het verhaal verloopt traag, omdat Couperus alles uitgebreid beschrijft. Ik verloor af en toe mijn aandacht, maar naarmate er meer spannende gebeurtenissen plaatsvonden, vond ik het toch wel een leuk boek. Ik vond de opbouw dan ook goed. Het boek bestaat uit zeven hoofdstukken die elk weer zijn opgedeeld in paragrafen. In elk hoofdstukken vinden er spannende gebeurtenissen plaats die leiden tot de climax van de stille kracht in hoofdstuk zes. Doordat elk hoofdstuk een stukje spannender is, word je steeds meer in het verhaal meegetrokken. Vandaar dat ik het boek ook steeds leuker begon te vinden.
Er zitten realistische aspecten in het verhaal, maar over het algemeen is het geen realistisch verhaal. Een van de belangrijkste motieven is het mysterie van de stille kracht. Deze stille kracht is niet erg realistisch, maar maakt het boek wel heel spannend. Je weet niet wat de stille kracht is en wat het doet. Je komt steeds een beetje meer over deze geheimzinnige kracht te weten. Een aspect dat wel realistisch is, is de situatie in Indonesië. Het was lange tijd een kolonie van Nederland, maar de Nederlanders wisten helemaal niets van de Indische cultuur. Dit laat Couperus duidelijk naar voren komen in het verhaal.
De boodschap, de intentie van het verhaal is heel duidelijk. Louis Couperus was meerdere keren in Indonesië geweest en wist daarom ook veel af van het leven in de kolonie. Ondanks dat hij in Nederland geboren was, voelde hij een sterke verbondenheid met Indonesië. Het centrale thema in het boek is de tegenstelling tussen Oost en West, tussen de Nederlandse en Indische cultuur. De Nederlanders willen de baas worden over Indonesië, maar zullen dit nooit worden doordat de stille kracht hun tegenwerkt. De stille kracht is het symbool voor de mysterieuze Javaanse cultuur en het verzet tegen de Nederlandse overheersing. Dit verzet leidde later ook tot de onafhankelijkheid van Indonesië.
Ik raad dit boek zeker aan, maar alleen als je van lezen houdt. Het is belangrijk om je aandacht bij dit boek te houden om het verhaal te begrijpen.
Abonneren op:
Posts (Atom)